Het is 1982 en ik ben flink aan het oefenen op de muziek van Level 42 als de deurbel gaat. Njong Louhenapessy en Franky Rampen staan voor de deur: “We gaan een band beginnen en we zoeken nog een bassist die funk kan spelen en kan slappen. En we horen jou dat steeds spelen, dus wil je bij ons in de band komen? De bandnaam is Delano”. Uiteraard wil ik dat. Net als in mijn vorige bands kennen we elkaar al jaren.
We oefenen in de Molukse stichting Boenga Tjenkeh in Huizen. De band bestaat dan uit Njong Louhenapessy (drums), Franky Rampen (sologitaar en zang), Reggie Snel (slaggitaar) Peter van Doorn (percussion), Christien Nikijuluw (zang) en mij (bas). De stijl die we spelen noemen we Latin Funk en is een kruising tussen de latin van Massada en Santana aan de ene kant en de funk van Stanley Clarke, The Reddings en Brothers Johnson aan de andere kant. Zeer goed dansbare muziek dus.
Binnen geen tijd komen de optredens er aan overal in de regio en direct tegen betaling. We komen in een circuit van swingende bands terecht met in de regio bekende namen Cheyenne en Pangayo. We treden ondertussen 2 a 3 keer per maand op. Ook voor de lokale media blijven we dan niet onopgemerkt en komen er al snel artikelen over ons in de Gooi & Eemlander en in het Goois Weekblad.
Omdat ik ook nog zeer fanatiek voetbal lukt het me niet altijd om mee te oefenen of op te treden. Delano neemt Guus Snell als reserve-bassist aan. Als blijkt dat ze vaker met Guus spelen dan met mij, neem ik afscheid van de band.
Dan slaan we 20 jaar over. Ik ben in Frankrijk aan het racen op het circuit van Folembray als ik ’s avonds tijdens het eten wordt gebeld door Franky Rampen: “Het gaat slecht met Njong. Er komt een afscheidsfeest voor hem, want hij wil al zijn vrienden en zijn oude bands nog een keer zien. Dus ook Delano komt weer bij elkaar, liefst in de originele bezetting. En het moet volgende week, want een week later redt hij niet meer.” Ik wist dat hij kanker had, maar dit telefoontje kwam keihard binnen.
Mijn vrouw Patricia is hoogzwanger en is precies in die week uitgerekend. Ik benadruk dat het kind niet die week mag komen.
Het feest is in de Molukse stichting Gosepa, de opvolger van Boenga Tjenkeh maar op een andere locatie. Delano trapt om 20:00 uur de avond af en Njong zit als vanouds achter zijn drumkit. We beginnen met “Black Pearl” van de Margiet Eshuis Band. Ik zie dat Njong pijn heeft, maar door die pijn zie ik hem genieten. Na “Black Pearl” helpen 2 van zijn neven hem het podium af. We spelen nog een paar nummers, maar ik weet niet eens meer welke. Njong is uitgeput en gaat om 11:00 uur weg en later hoor ik dat hij om 03:00 uur is overleden. Zijn eerste band is tevens zijn laatste band geworden.
Njong is een week later begraven en 3 dagen daarna kwam Louise; soms houdt de natuur rekening situaties.
Foto uit de Gooi & Eemlander Aanplakbiljet voor Meentamorfose Aankondiging in de krant Optreden in de Meentamorfose Aftellen… …en gaan! “43” van Level 42 Jas uit, het wordt warm Solo van Franky Stemmen tijdens het spelen Toegift geimproviseerd: Nederwiet Aankondiging Max Wattimena kondigt Delano aan In Stichting Boenga Tjenkeh Peter, Franky, Reggie, Njong en ik Peter, Franky, Reggie, Njong en ik Welk nummer nu? Franky soleert Reggie en ik Artikel Gooi & Eemlander Wederom Gooi & Eemlander Gooi & Eemlander Music ’85: belangrijk moment Afscheid van Njong Louhenapessy Laatste keer in zijn 1e band Dubbel gevoel Black Pearl